Toespraak van de voorzitter van het Productschap Vis,
de heer ir. B.J. Odink, tijdens de Dag van de Nederlandse Zeevisserij te IJmuiden, 30 augustus 2008

10.30 welkom

Excellentie, Burgemeester, dames en heren,

De Dag van de Nederlandse Zeevisserij is de dag waarbij we traditiegetrouw de Nederlandse zeevisvloot in belichten. Vandaag zijn we te gast in IJmuiden. Een plaats die zo groot geworden is zoals deze nu is, vanwege de visserij. Ik dank de burgemeester en zijn gemeente die het mogelijk maken om vandaag deze traditionele bijeenkomst te mogen vieren. Een bijzonder welkom richt ik aan mevrouw Verburg. Tijdens uw ministerschap heeft u inmiddels ervaren dat de vissector weliswaar is verdwenen uit de naam van uw ministerie, LNV, maar zeker niet uit uw aktetas met dossiers. Graag luisteren wij zo dadelijk naar wat u daaruit kunt melden.

Deze dossiers domineren de kottersector en de mosselsector. De pelagische visserijsector heeft hier in IJmuiden zijn bakermat. Reden waarom later deze ochtend uitvoerig aandacht wordt besteed aan hun activiteiten, door een  ijdrage van hun voorzitter. IJmuiden is niet alleen bekend vanwege de aanvoer van vis door de trawlers. De Zeevis Groothandels Vereniging viert vandaag haar 100- jarig jubileum later deze dag, zal ook worden belicht door een bijdrage van de voorzitter. En traditiegetrouw, dit maakt deze dag immers altijd feestelijk, zullen de Productschapsprijzen 2007 worden uitgereikt. De schippers, bemanning en familieleden heet ik ook graag in het bijzonder welkom.

Graag nodig ik burgemeester Cammaert uit om het woord nu van mij over te nemen.

11.20 uur toespraak

De Dag van de Nederlandse Zeevisserij is de dag waarbij we traditiegetrouw de Nederlandse zeevisvloot in al zijn facetten - van de garnalenvisser op het wad tot de diepvriesvloot in de Atlantische en Stille Oceaan - belichten. Ik kan helaas in de korte tijd die ik beschikbaar heb maar enkele punten de revue laten passeren. Gelukkig zijn veel onderwerpen al aan de orde geweest. De warme betrokkenheid van de minister, de EU Visserijraad, de ministerraad en het kabinet sterken ons om de problemen te overwinnen.

De visserij levert een grote diversiteit aan producten die onze consumenten nu eenmaal vragen. Nederlanders hebben vorig jaar opnieuw meer vis gegeten. De huishoudelijke verkoop steeg vorig jaar met twee procent en de omzet ging met vijf procent omhoog. Daarnaast steeg de buitenhuishoudelijke consumptie verder. Per hoofd van de bevolking werd vorig jaar 3,4 kilo vis gegeten, tegen 2,5 kilo in 2003.

Maar, wanneer je bedenkt dat een Spanjaard gemiddeld 20 kilo vis per jaar  eet, is er nog een hele wereld te winnen. Dit biedt ons kansen!
Ook de gezondheidsvoordelen geven onze sector een extra steun in de rug! Het imago van vis en schelpdieren wordt alleen maar sterker naarmate het gezondheidsbewust leven een steeds prominenter plaats inneemt in onze maatschappij. Het is verheugend dat het kabinet hier zo positief op inspeelt. De acties van u, mevrouw Verburg en uw collega Klink om de consumptie van groente, fruit en vis te bevorderen zijn positief.

Deze zijn gebaseerd op onderzoeken van het RIVM en Wageningen UR, waaruit blijkt dat door regelmatig groente, fruit en vis te eten de komende jaren tot een besparing in de gezondheidskosten kan worden gekomen van € 3 miljard. Dit is een enorme gezondheidswinst. Het grootste gedeelte komt ten goede van vis  en met visconsumptie wordt ook de levensverwachting met bijna een half jaar verlengd. Tevens is er onderzocht dat dit half jaar extra in een goede kwaliteit kan worden beleefd. Toch een kritische opmerking.

Berekend is wat het verschil zou zijn als in plaats van 1 maal per 2,5 week, 1 x per week vis gegeten zou worden. Dit terwijl wij weten dat de  Gezondheidsraad 2 x vis per week adviseert.

Maar liefst 14 studies leiden tot de conclusie van onderzoekers van  Wageningen  UR dat bij 3 x per week vis in plaats van 2 x de kans op darmkanker met 30% afneemt. En dat de hersenen er ook wel bij varen blijkt uit nieuw Fins onderzoek. Mensen die drie keer per week vette vis  eten, bleken 26% minder kans op hersenaandoeningen te hebben. Mijn  voorzichtige conclusie dat de huidige cijfers van het kabinet een ernstige  onderschatting van de gezondheidswinst aangeven lijkt me gerechtvaardigd. Het gaat echt om miljoenen euro’s winst per week. Ik wil dan ook Minister Verburg verzoeken bij haar collega Klink er op aan te dringen dat in ieder geval de consequenties van het advies van de Gezondheidsraad worden  doorgerekend. Dan wordt duidelijk dat de sector nog meer de steun van de overheid verdiend, of het nu wild gevangen vis betreft of de aquacultuur. Er is voldoende. En Wouter Bos zal gelukkig zijn met die uitslag.

De sector, met ons eigen Visbureau, is gisteren begonnen met het officiële startschot voor de Campagne “Van vis krijg je nooit genoeg” Vanaf morgen zult u via de radio, internet, tijdschriften en de viswinkel kennis kunnen nemen van deze nieuwe campagne. Minister, alvast bedankt voor de toegezegde steun,  die we hard nodig hebben. Aan de ene kant kent iedereen de gezonde kracht  van vis en hebben we ingewikkelde claims niet nodig, zoals bij functional foods, waarvoor de belangstelling afneemt, zoals uit onderzoek blijkt. Waarschijnlijk ziet de consument door de wirwar aan etiketten en merkbeelden het bos niet meer. Bij het makkelijk herkenbare product vis is duidelijk dat het gezond is. Een probleem blijft bij vis dat de drempel hoog is om er voor het eerst mee te beginnen. Ook hier geldt al het begin is moeilijk.

Ketensamenwerking is één van de sleutelwoorden op dit moment. Een ander is traceerbaarheid. Deze beide begrippen zijn gebaat met het handhaven of beter nog het vergroten van de transparantie in de keten. Er zijn vissers die de wens hebben om hun vangst direct van boord te leveren aan een afnemer. Zo’n korte lijn lijkt natuurlijk mooi, bezien vanuit het oogpunt van de individuele visser, die garanties heeft voor afname van door hem te leveren producten tegen een afgesproken prijs. Dit geldt ook voor de afnemer die op voorhand rekening kan houden met levering volgens afspraak van door hem gewenste producten. Toch schuilen er ook risico’s in deze ontwikkeling waarbij er sprake is van levering buiten de bestaande afslagstructuur om. Immers, de vaststelling van de productkenmerken in de afslagfase en die gebaseerd is op wettelijke eisen voor de maatvoering en de mate van versheid moet geborgd blijven.  We moeten ons beraden hoe dit dan verantwoord geregeld kan worden.

Vissen en natuur gaan hand in hand. Zeer veel initiatieven stranden echter  door wetgeving of onduidelijkheid over de inhoud hiervan. Graag wil ik van de gelegenheid gebruik maken om enkele opmerkingen te maken die de sector ernstig bezighouden. Het gaat daarbij om de implementatie van het Natura 2000- beleid.

De discussie in de 2e kamer over de 162 gebieden op het land hebben aangegeven dat naast ecologische waarden ook de culturele verworvenheden  een rol in de afweging moeten spelen. Aanpassingen in de wetgeving zijn dus noodzakelijk.

Deze problematiek was in het kader van de Tweede Maasvlakte in ons reguliere overleg met u, minister al meer dan een jaar aan de orde gesteld, waarbij wij hebben aangegeven dat bij onvoldoende invulling een bezwaar bij de Raad van State onafwendbaar was. Het gaat er daarbij uiteindelijk om dat door onduidelijke omschrijvingen van natuurwaarden in de wetgeving uw vergunningen niet houden voor de rechter. Onze sector is daar dan de dupe van. Om dit o.a. te voorkomen hebben we in het voorjaar de procedure bij de Raad van State moeten starten om eerst duidelijkheid te krijgen over de  Voordelta bij de aanleg van de Tweede Maasvlakte.

Onze minimum wensen waren bij het ministerie bekend. Verheugend is dat, de dag voordat het bezwaar diende bij de Raad van State, tot overeenstemming met uw ministerie gekomen kon worden, zodat wij de procedure konden stopzetten en de eerste plons volgens planning kan plaatsvinden. Betreurenswaardig is dat niet eerder kleur bekend is en uw ambtenaren te lang hun gang konden gaan en dat de druk via de rechter extreem moest worden opgevoerd.

Ik hoop dat iets dergelijks voor de mosselsector niet nodig zal zijn. Het kabinetsbeleid was hier duidelijk. Tot 2020 de tijd om te verduurzamen. Totdat op 27 februari van dit jaar de uitspraak van de Raad van State kwam dat uw vergunningen niet hielden. Meerdere overleggen in de 2e Kamer en uitspraken van u gaven aan dat de mosselsector vertrouwen in de toekomst moet hebben.
Daar zijn we blij mee, maar we maken ons ernstige zorgen dat er nu, na 6 maanden, nog niets concreet naar buiten komt en er onvoldoende sturing op dit dossier lijkt te zijn. Daardoor worden er allerlei initiatieven ontwikkeld, zoals het voorstel voor een noodwet door de Provinciale Staten van Zeeland.
Minister, onze indringende vraag: Kunt u op korte termijn concrete oplossingen aandragen? Uw uitspraak dat u voor de najaarszaadvisserij vergunningen gaat verstrekken is positief.

Wij zijn benieuwd, nu gelukkig een groot aantal milieuorganisaties terugdeinzen voor de onbedoelde consequenties, of enkele bekende organisaties wederom bezwaar zullen maken tegen het vangen van zaad in enkele tienden procenten oppervlakte van de Waddenzee. Wanneer het zaad bij een storm volledig wegwaait, hebben natuur en mosselsector er beiden niets aan. Wij zijn nieuwsgierig hoe de minister hierop haar houding bij dergelijke organisaties bepaalt.

Ook zijn we geïnteresseerd hoe deze natuur- en milieuorganisaties worden gefinancierd. Is er sprake van overheidssubsidie of bijvoorbeeld een goede doelen inzameling van de Postcode Loterij.
Ook de Nederlandse consumenten mogen keuzes maken of ze deze organisaties nog verder willen steunen. Het is triest dat er natuur- en milieuorganisaties zijn, die stellen dat ze het democratisch recht hebben, maar  kennelijk de afweging niet kunnen of willen maken of ze daar wel altijd een eigenlijk gebruik van maken.

U begrijpt dat hierdoor de goede samenwerking met de ngo’s, die de sector en het Productschap Vis heeft in onze activiteiten van de Commissie Verantwoorde Vis om tot echte verduurzaming te komen, danig onder druk komt te staan. Laten we het vizier op de toekomst richten.

De wil om samen te werken aan verdere verduurzaming van de sector is sterk. Binnen de sector zie je tal van initiatieven die worden ondernomen. Maar ook daarbuiten. Was er eerder nog sprake van verschillende organisaties die los van elkaar hetzelfde doel voor ogen hadden. We zijn nu duidelijk in een fase beland waarin we gezamenlijk de krachten bundelen op weg naar een duurzame vissector. Een treffend voorbeeld is het Maatschappelijk Convenant Noordzeevisserij dat dit voorjaar is gesloten tussen LNV, de kottersector, het Productschap Vis, het WNF en de Stichting de Noordzee.

Maar het blijft niet bij dit initiatief. Recent is, samen met WNF, gezocht naar een verdere samenwerkingsvorm die moet leiden tot eenduidige informatie over “wat is duurzame vis”. Daarnaast is inmiddels een project bij het VIP ingediend  m samen met het WNF aandacht te besteden aan de beschermde gebieden op zee. De in de pers gebrachte actie van Greenpeace staat hier haaks op.  iteraard zullen wij nooit instemmen met acties van organisaties die het recht in eigen hand nemen. Wij blijven bereid constructief het debat te voeren.

Na de succesvolle eerste tranche van de technische innovaties bij het VIP, sluit vandaag, zoals u meldde, de tweede tranche. Belangrijk werk voor de voorzitter van het VIP, de heer Bierens, kan beginnen. Voorstellen om duurzaamheid op te nemen in het visserijonderwijs, duurzame certificering van de Noordzeevisserij en het trainen van bestuurders over onder meer deze onderwerpen liggen naast een groot aantal andere initiatieven ter goedkeuring bij uw ministerie voor.

Wij gaan daarmee verder in het belang van de maatschappij, de sectoren en alle hardwerkende mensen in de sector, die veelal in benarde omstandigheden hun brood proberen te verdienen. Van de overheid vragen wij het verder stimuleren van de innovaties en omschakelijking en wettelijke duidelijkheid over de toekomst van de sectoren.

Mevrouw de minister, ook voor de sector geldt, dat alleen een goed perspectief leidt tot duurzaam ondernemerschap. Dat perspectief is er wel als je kijkt naar de balans tussen natuur en economie, maar niet als we kijken naar wet- en regelgeving. Dan lijkt het perspectief achter de horizon te verdwijnen. Dat mag niet gebeuren. Daar ligt uw verantwoordelijkheid.

Tot slot willen we dankzeggen aan uw Directie Visserij, die duidelijk herkenbaar voor u en ook in Brussel en nationaal een belangrijke bijdrage levert. We hopen dat het na de reorganisatie van uw ministerie zo kan blijven en dat als we de website van uw ministerie openen straks minimaal één keer het woord vis kunnen lezen. Het hoort niet alleen 2 x in de week bij de consument, maar ook in de menukeuze van uw website.

Als u daarnaast de menukaart van het bedrijfsrestaurant van LNV, en bovenal die van de Tweede Kamer kunt beïnvloeden, dan bewijst u ons een grote dienst. Een goede maaltijd maakt nu eenmaal het goede in mensen los. U bent straks van harte uitgenodigd om ook daarvan te genieten.
Dank voor uw aandacht.  

Terug naar overzicht toespraken

 

Print pagina

 

Nieuwjaarsbijeenkomst 2012

prof.dr.ir. R.B.M. Huirne, algemeen directeur LEI, Foto: Evert-Jan Daniels

Bekijk alle foto's