Beschermde gebieden
Advies van Amerikanen: Europa heeft Californische flexibiliteit nodig!
Verslag van workshop ‘Vissers over beschermde zeegebieden’
Door: Cora Seip en Emilie Hugenholtz (met dank aan Eline van Haastrecht)
Op 30 mei jl. is in IJmuiden een workshop gehouden over beschermde gebieden op zee. Met subsidie van het Visserij Innovatieplatform en het Europees Visserijfonds hebben het Productschap Vis en het Wereld Natuur Fonds sprekers uit de Amerikaanse staat Californië uitgenodigd om over het daar gevolgde proces te vertellen: Prof. Dr. Robert Warner, van de University of California in Santa Barbara en Mr. Bruce Steele, visserman.
Proces en resultaten in Californië
De Amerikaanse gasten begonnen de workshop met een introductie over het gevolgde proces voor beschermde gebieden en de resultaten in de Channel Islands. In Californië bestaat een goed werkend netwerk van beschermde gebieden, dat resultaten oplevert voor de visbestanden en de bescherming van de natuur onder water. Vissers zijn daar nauw betrokken geweest bij het formuleren van doelen, wensen, kansen en bedreigingen.
De Channel Islands is een eilandengroep voor de kust van Californië en een populair gebied voor onder meer visserij, recreatie, duiken en kayakken. De commerciële visserij vist onder andere op kreeft, inktvis, zeekomkommer, platvis, en kabeljauw. In de afgelopen decennia hebben technische voortuitgangen in de visserij, een toename in visserijintensiteit, samen met ziektes en veranderingen in de zee, ertoe geleid dat bepaalde soorten vissen en weekdieren achteruitgingen in aantal.
Een gezamenlijk proces met vissers, NGO´s en een wetenschappelijk adviescomité werd ingezet om beschermde gebieden in te stellen. Het uiteindelijke doel was: een optimale biologische productie van het ecosysteem, met weinig economische impacts. Hierbij werd ook rekening gehouden met een eerlijke verdeling van economische lasten over verschillende visserijen, havens en anderen met commercieel belang in die regio.
Succes
Het succes van de Channel Islands is mede te danken aan het ´bottom-up´ proces, waarbij vissers en NGOs tot een besluit kwamen, geadviseerd door wetenschappers
Na vijf jaar meten en monitoren in de Channel Islands zijn er al indrukwekkende resultaten bereikt:
- De biomassa en de aantallen van vis waar commercieel op gevist wordt is ongeveer 1,7 keer hoger binnen de gesloten gebieden dan erbuiten. Voor sommige soorten roofvissen, is de biomassa wel 3 keer zo hoog.
- Ook de zeer mobiele soorten profiteren van reservaten, doordat belangrijke habitats beschermd worden in verschillende levensfasen van deze soorten.
- De meeste visbestanden zijn gegroeid.
- Bepaalde soorten, zoals kreeften worden groter in de reservaten dan daarbuiten.
- In de reservaten is er een grotere soortenrijkdom, waardoor het ecosysteem op de lange duur beter bestand is tegen veranderingen.
Discussie
Na de presentaties van prof. Robert Warner en Bruce Steele werden verschillende vragen gesteld, zoals: hoe toepasbaar is de Californische situatie op de Noordzee? Wanneer werkt een netwerk van beschermde gebieden voor visserij? Wie bepaalt wie er belanghebbenden zijn in het proces? Wie betaalt monitoring en evaluatie? Hieronder volgt een samenvatting van de discussie rondom deze vragen.
Toepasbaarheid
Er zijn veel verschillen tussen Californië en de Noordzee, zoals verschillen in soorten en leefgebieden, in de typen visserijen, in grootte van het gebied, etc. Tijdens de discussie kwam ook ter sprake dat het proces in Europa en Nederland principieel verschilt met Californië. In Californië zijn eerst doelen opgesteld door vissers, ngo’s, en andere stakeholders. Vervolgens is door wetenschappers een aantal scenario’s voorgesteld, die de beoogde doelstellingen zouden bereiken. Dit gaf de stakeholders een aantal verschillende opties om te kiezen welke gebieden beschermd worden en hoe de sociaal-economische lasten verdeeld worden. Deze flexibiliteit is erg belangrijk voor het draagvlak voor beschermde gebieden: belanghebbenden kregen niet een vaststaande situatie voorgeschoteld. Volgens een aanwezige is dit vergeleken met de Noordzee een wezenlijk verschil: de gebieden staan hier al vast, maar de doelen moeten nog omschreven worden. Doel van beschermde gebieden volgens Natura 2000 is het beschermen van bijzondere gebieden en behoud van biodiversiteit. Niet, zoals in Californië, bescherming van biodiversiteit én het vergroten van de productiviteit. Toch kan er volgens een aanwezige met zonering gewerkt worden, dus kan een analyse en proces als in Californië kan voor huidige en toekomstige gebieden alsnog worden uitgevoerd.
Prof. Warner benadrukte dat, ongeacht hoe verschillend gebieden eruit zien, beschermde gebieden overal ter wereld biodiversiteit en visbestanden ten goede kunnen komen, mits ze voldoen aan een aantal criteria, zoals duidelijke doelstellingen, voldoende bescherming, connectiviteit, goede controle en, zo voegt Mr. Steele hier aan toe: ‘voldoende flexibiliteit.’ Steele benadrukte dat gesloten gebieden pijnlijk zijn voor de visserij. Vissers kunnen hun vistuig aanpassen en het visserijbeheer verbeteren, en hoe vissers zichzelf beheren zal volgens Steele dan ook meer effect hebben dan beschermde gebieden. Steele benadrukt vooral het belang van gesloten gebieden voor wetenschappelijk onderzoek; voor het meten van verschillen tussen wel en niet beviste gebieden.
Een afgevaardigde van het ministerie van LNV gaf aan dat de nu door Europa aan te wijzen Natura 2000 gebieden niet zijn aangewezen met een netwerkgedachte, maar dat dit op Noordzee-schaal wel mogelijk en wenselijk zou zijn, mits data beschikbaar zijn.
Een wetenschapper van het IMARES merkte op dat om een positief resultaat voor visserij neer te zetten, minstens 30% van de Noordzee gesloten zou moeten worden. Dat zou desastreus zijn, volgens de aanwezige Amerikaanse en Nederlandse vissers. Volgens een andere aanwezige zou er wel een netwerkanalyse moeten komen voor de Noordzee. Als Nederland zouden we ons niet blind moeten staren op Natura 2000, maar het breder trekken, en eerlijk kijken naar de voordelen.
Benodigde data
Over de benodigde data worden ook vragen gesteld: “Hoeveel data en van welke kwaliteit moet deze zijn om tot een goede analyse te komen van waar je welk gebied moet beschermen?” Prof. Warner antwoordde: “Hoe meer data, hoe beter. Maar, ook met minimale data over habitats en soorten en economische waarden, kun je toch een analyse maken, waarin belanghebbenden kunnen kiezen uit verschillende scenario’s.” Warner benadrukte dat ook de lokale kennis van vooral vissers belangrijk is. Steele: “Je moet ook de natuurlijke fluctuaties en invloeden meenemen in je analyse. Bijvoorbeeld, bij de Channel Islands zijn er verschillende temperatuur cycli, van wel 20-30 jaar.” Vissers kunnen dit soort veranderingen soms eerder duiden dat de wetenschap.
Belanghebbenden
Aanwezigen waren het unaniem eens: Vissers moeten betrokken zijn bij het proces, niet alleen vanwege de sociaal-economische kennis, maar ook de kennis over beviste gebieden. In Californië hebben vissers ook een kennisbijdrage geleverd over waar welke soorten en bodems voorkomen bijvoorbeeld. Betrokkenheid van vissers in het proces wordt erkend tijdens de workshop, al is de reden niet voor iedereen hetzelfde: “Ik wil betrokken zijn, maar om beschermde gebieden tegen te houden”, aldus twee aanwezigen. Warner: “Wanneer sommige groepen meer last hebben van beschermd gebied is het belangrijk de sociaal-economische risico’s en impacts over verschillende groepen te verspreiden”. Steele: “De wetenschap is het uitgangspunt en vervolgens moet je oorlog voorkomen door een spreiding van de risico’s over verschillende gebruikers van de zee. Emoties zouden geen plek moeten krijgen in het proces.”
Lessen
Een duidelijke les die uit de workshop naar voren komt is dat het erg belangrijk is om duidelijk te zijn over de doelstellingen. Via het computerprogramma Marxan kun je economische, ecologische doelstellingen formuleren en dit ‘bio-economische’ computermodel genereert vervolgens verschillende opties voor een netwerk.
Wil je visbestanden en zeer beweeglijke soorten beschermen en herstellen, dan is verbinding van gesloten gebieden erg belangrijk. Marxan laat zien dat er dan niet slechts één netwerk is, maar dat er meerdere ontwerpen mogelijk zijn. Een belangrijke les is ook dat, wanneer je -zoals in Californië - maximale biologische effecten wil bereiken met minimale economische kosten, je niet -zoals in Europa- eerst de beschermde gebieden kunt aanwijzen en daarna pas een economische analyse maken.
De beschermde gebieden die nu in het leven worden geroepen in de Noordzee zijn gericht op bescherming van habitats. Maar ook de verbindingen zijn belangrijk onder water, waar weinig stilstaat. Daarom is het belangrijk dat wetenschappers in Europa de beweegpatronen van populaties in kaart gaan brengen. Steele: “Met een aantal belangrijke ‘vis-indicator soorten’ kun je al een eind komen. Vissers hebben veel kennis van vissoorten en hun bijdrage is daarom erg belangrijk. Met een slimme selectie van data hoeft het toepassen van een model zoals in Californië niet duur te zijn”.
Zeker wanneer een bottom-up proces wordt gestart zijn er heldere aanbevelingen door de Amerikaanse gasten:
- Zorg voor ondersteuning en erkenning van het proces door de overheid.
- Zorg voor een werkgroep die de belanghebbenden breed vertegenwoordigt en betrokken is vanaf het begin.
- Betrek een wetenschappelijk adviescomité bij het opstellen van de doelen, criteria en alternatieve scenario’s, zorg voor flexibiliteit.
- Zorg voor lange termijn monitoring en evaluatie.
- Om te weten wat de effecten van een netwerk zijn, moet je goed kunnen evalueren, dit betekent dat je een goede nul-meting nodig hebt, voor zowel de ecologische als economische situatie.
Het succes van een netwerk van beschermde gebieden is afhankelijk van draagvlak, voldoende flexibiliteit in het ontwerp, duurzaam beheer buiten het netwerk, goede monitoring en controle, een goede evaluatie en adaptief management waar nodig.
Het Ministerie van LNV en de aanwezige vissers, wetenschappers en NGO’s zijn geïnspireerd door de workshop en een hoop lessen rijker. De lessen zullen verder worden uitgewerkt in de regiegroep voor beschermde gebieden (VIBEG-Visserij In Beschermde Gebieden). LNV staat open voor suggesties, en mogelijkheden zullen daarom besproken worden in de regiegroep beschermde gebieden.
Reacties en informatie
Voor uw reactie, ideeën, input of voor meer informatie over de uitwisseling met de Channel Islands, kunt u contact opnemen met Cora Seip, Produktschap Vis (en/of Emilie Hugenholtz, Wereld Natuur Fonds. Wilt u een factsheet over de Channel Islands ontvangen? Stuur dan een mailtje naar mpaworkshop(at)gmail.com.
Inspraak reactie windmolenparken
Beroep vergunningen windparken Noordzee
Rijswijk, 11 november 2009 - Op 2 november jl. is voor vier windparken op de Noordzee een vergunning afgegeven. Van 9 november tot en met 21 december 2009 liggen de vergunningaanvragen ter inzage. Het gaat om de windparken: ‘Beaufort’, ‘Brown Ridge Oost’, ‘Den Helder I’ en ‘Tromp Binnen’.
Windparken
Voor de windparken Scheveningen Buiten, Q4 (ongeveer ter hoogte van Egmond aan Zee) en Q10 (ongeveer ter hoogte van IJmuiden) zijn ontwerpbesluiten voor de Wbr-vergunning opgesteld. Tot 3 december a.s. kunnen zienswijzen worden ingediend. Het Productschap Vis zal zienswijzen indienen namens de visserijsector.
Crisis- en herstelwet
Met het oog op de economische crisis heeft het kabinet een pakket maatregelen voorgesteld om projecten met een significant effect op werkgelegenheid, economie en duurzaamheid op korte termijn te kunnen starten. Hiervoor worden bijvoorbeeld procedures ingekort.

